Vier vragen om jezelf te stellen tijdens het ontspullen

Tidy Minds | Ontspullen | Minimalisme

Komt dit niet ooit nog van pas? En hierbij heb ik zoveel mooie herinneringen! Deze mooie blouse heb ik nog nooit gedragen, dat is toch zonde om weg te doen?

Het zijn allemaal vragen die bij mij opkwamen, terwijl ik door mijn huis ging. Maar ze brachten me allemaal niet verder op het moment dat ik meer spullen los wilde laten. De vragen brachten me in twijfel en ze zorgden ervoor dat ik in eerste instantie toch meer spullen hield dan ik wilde.

Wat zijn nou de vragen die je jezelf wel moet stellen?

1. Zou ik het opnieuw kopen?

Vind je het zonde om die op maat gemaakte, maar ongedragen blouse weg te doen? Die lampen en kapstok uit je vorige huis? Die ongebruikte sneeuwschep?  Dat vond ik met precies deze spullen erg lastig. Vervang dan de vraag ‘is het zonde?’ eens door ‘zou ik het opnieuw kopen?’. Grote kans dat het antwoord ‘nee’ is en je deze spullen alsnog kan loslaten.

De blouse ging naar een inzamelpunt voor kleding, de lampen gaf ik gratis weg en de kapstok en sneeuwschep verkocht ik via marktplaats. Het voelt nu alles behalve zonde dat ze door anderen wel worden gebruikt.

2. Kan ik het voor minder dan € 20,- opnieuw kopen?

Komt dit niet ooit nog van pas? Dit was een gedachte die bij meer dan eens opkwam tijdens het ontspullen. De ‘het komt vast nog wel eens van pas’-spullen zijn eigenlijk de eerste die je huis moeten verlaten bij het ontspullen, maar makkelijk is dat niet. Want: hoe prettig is het wel niet om precies dat achter de hand te hebben dat je nodig hebt? Ik denk daarom dat dit precies de categorie is waarmee bij de meeste mensen de schuren, garages en bedlades vol zitten. Zonder dat ze daar vervolgens ooit nog vandaan komen..

Hanteer dan de 20/20-regel: kan ik dit ‘just in case’-item binnen 20 minuten opnieuw kopen voor minder dan € 20,-? Als dat het geval is, doe het weg. Ik zelf werk in het centrum van Rotterdam, dus de kans is klein dat mijn antwoord hierop ‘nee’ zal zijn. Geen reden dus om al die ‘just in case’-spulletjes in mijn huis op te slaan.

3. Heb ik het de afgelopen 90 dagen gebruikt?

Er is nog een methode om je ‘just in case’-vragen te tackelen. Vraag je af hoe vaak het nou echt voorkomt dat jij uit je schuur/garage/opslagplaats precies dat voorwerp tevoorschijn tovert dat je tien jaar geleden hebt opgeslagen en nu eindelijk nodig hebt? Ik denk dat dit niet heel vaak zal gebeuren. Grote kans dat als je het nodig hebt, je niet eens meer wist dat je  dit nog had. Bovendien heb je hier vervolgens wel eerst tien jaar lang opslagruimte voor moeten gebruiken. Zonde!

Om die opslagtijd te verkorten, kan je de 90/90-regel hanteren. Regels en criteria maken het opruimen makkelijker. Dus kwamen de heren van de blog The Minimalists naast de 20/20-regel ook met de 90/90-rule om te beoordelen of je spullen daadwerkelijk gebruikt: heb ik het de afgelopen 90 dagen gebruikt en/of ga ik het de komende 90 dagen dan wel gebruiken? Je begrijpt vast wel wat je moet doen, wanneer het antwoord hierop ‘nee’ is.

Oh, en ik realiseer me maar al te goed dat regels te strikt hanteren geen goed idee is. Als ik een half jaar niet op vakantie ga, zou bijvoorbeeld mijn backpack volgens deze 90/90 halverwege dit half jaar ook moeten verdwenen.

4. Word ik er blij van?

Deze vraag is mijn favoriet, en is afkomstig van Marie Kondo met haar geweldige boek Opgeruimd!. Door jezelf deze vraag te stellen, focus je niet op het afscheid nemen van spullen, maar op het omarmen van wat er wél blijft.

Neem je kledingkast eens als voorbeeld. Begin met je 5 lievelingsitems, welke zijn dat? Die blijven natuurlijk sowieso! En welke 5 kledingstukken – naast die lievelingsitems – draag je het meest, omdat je je daar nou eigenlijk het fijnst invoelt? Op mijn comfi trui en chille oversized jurk was ik niet echt trots, maar ik heb me gevraagd of ik blij van ze word – echt wel! – en sindsdien heb ik ze volledig omarmd.

Dat happy gevoel hielp vervolgens ook bij het wegdoen van wat me niet blij maakt. Zo had ik best veel kleding die ik niet zo vaak had gedragen. Iedere keer dat ik die stukken zag hangen of liggen in mijn kast, bedacht ik weer dat ik die eigenlijk vaker moest dragen. Om het uiteindelijk niet te doen. En me daar dan wat schuldig over te voelen. Schuldgevoel is geen prettige emotie om te koppelen aan het openen van je kledingkast. Kies voor wat je blij maakt! Mijn schuldgevoelkleding heb ik gedoneerd of verkocht en wordt nu ongetwijfeld met liefde gedragen. Dag, schuldgevoel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *